MENU
 

Privacy

WOT Schiedam werkt op basis van een privacyregeling. Hierin is aangegeven hoe de vertrouwelijkheid van uw gegevens wordt gewaarborgd en welke rechten u hebt. De Wet bescherming persoonsgegevens (Wbp) verplicht elke organisatie om zorgvuldig met privacygevoelige informatie om te gaan. Dit betekent dat uw gegevens niet toegankelijk zijn voor buitenstaanders. De medewerkers van uw WOT zijn bovendien gebonden aan het beroepsgeheim.

 

privacyregeling

Inleiding

Deze privacyregeling is een onlosmakelijk onderdeel van het convenant ‘samenwerken in de wijkondersteuningsteams in Schiedam’, en geldt voor alle convenantpartners die samenwerken op basis van dit convenant. Het regelt de privacy-aspecten voor de noodzakelijke uitwisseling van informatie.

De gemeente heeft vanaf 1 januari 2015 extra taken op de terreinen Jeugd, Wmo, Onderwijs en Werk en Inkomen. Het is de bedoeling van de decentralisaties dat de gemeente de zorg dichtbij – in de buurt – organiseert, bijvoorbeeld via sociale wijkteams. Daarom functioneren vanaf 1 januari 2015 zes wijkondersteuningsteams in Schiedam. Binnen de wijkondersteuningsteams werken de convenantpartners intensief met elkaar samen volgens het adagium “1-huishouden, 1-plan, 1-regisseur”. De wijkondersteuningsteams vormen het eerste aanspreekpunt voor de burgers en zorgen voor toeleiding naar de juiste ondersteuning. In eerste instantie wordt zoveel mogelijk naar oplossingen in de eigen wijk en leefomgeving van de hulpvrager gezocht, waarbij zelfredzaamheid en eigen kracht uitgangspunten zijn.

De convenantpartners werken binnen de wijkondersteuningsteams samen om te komen tot een integrale dienstverlening. De wijkondersteuningsteams zijn toegerust om vragen en behoeften van de inwoners van Schiedam, volwassenen en kinderen, adequaat en gebiedsgericht te beantwoorden en waar nodig ondersteuning te bieden en toe te leiden naar maatwerk - en individuele voorzieningen. Het is voor dit doel noodzakelijk om persoonsgegevens, waaronder bijzondere persoonsgegevens, te verwerken. Daarbij is de bescherming van de privacy van de ondersteuningsvrager een belangrijk aandachtspunt. Het is daarom wenselijk en noodzakelijk om de verwerking van persoonsgegevens nader te regelen in deze privacyregeling.

Wettelijke grondslag of bevoegdheid waarop de regeling is gebaseerd

  • Artikel 8 EVRM, artikel 10 Grondwet en artikel 272 Wetboek van Strafrecht;
  • Wet bescherming persoonsgegevens;
  • Wet maatschappelijke ondersteuning 2015;
  • Jeugdwet;
  • Participatiewet;
  • Wet op het primair onderwijs;
  • Wet op het voortgezet onderwijs;
  • Wet op de expertisecentra;
  • Wet inzake de geneeskundige behandelingsovereenkomst;
  • Wet op de beroepen in de individuele gezondheidszorg;
  • Beroepscode van de Nederlandse Vereniging van Maatschappelijk Werkers;
  • Gedragscode van het Nederlands Instituut voor Psychologen;
  • Gedragscode van de Nederlandse Vereniging van Onderwijskundigen en Pedagogen;
  • Handreiking Bemoeizorg van KNMG, GGD Nederland en GGZ Nederland;

Privacyregeling wijkondersteuningsteams Schiedam 2

 

Tekst van de regeling

Artikel 1 Begripsbepalingen

beheerder
degene die, onder verantwoordelijkheid en op aanwijzing van de verantwoordelijke, de dagelijkse zorg heeft voor het beheer van de gegevens die in het bestand zijn opgenomen, zijnde de coördinator van het wijkondersteuningsteam;

bestand
de verzameling persoonsgegevens van cliënten, vastgelegd door de leden van het wijkondersteuningsteam met het oog op de ondersteuning die aan cliënten wordt geboden en dat volgens bepaalde criteria toegankelijk is;

betrokkene
de persoon op wie een persoonsgegeven betrekking heeft;

bijzondere persoonsgegevens
persoonsgegevens over iemands godsdienst of levensovertuiging, ras, politieke gezindheid, gezondheid, seksuele leven, het lidmaatschap van een vakvereniging, strafrechtelijke persoonsgegevens en persoonsgegevens over hinderlijk en onrechtmatig gedrag in verband met een opgelegd verbod;

cliënt
persoon aan wie het wijkondersteuningsteam ondersteuning biedt, of die op ondersteuning van het wijkondersteuningsteam is aangewezen, daaronder ook begrepen de personen die deel uitmaken van het huishouden van de cliënt en die rechtstreeks zijn betrokken bij deze ondersteuning;

college
het College van Burgemeester en Wethouders van Schiedam;

convenantpartners
de organisaties die samenwerken op basis van het convenant ‘samenwerken in de wijkondersteuningsteams in Schiedam’;

coördinator
de coördinator van het wijkondersteuningsteam;

ernsttaxatiemodel
instrument waarbij de ernst van de ondersteuningsvraag in relatie tot de gewenste ondersteuning/interventie wordt bepaald;

extern overleg
overleg tussen het wijkondersteuningsteam en beroepskrachten die geen deel uitmaken van het wijkondersteuningsteam over de ondersteuning aan een cliënt;

huiselijk geweld
lichamelijk, geestelijk of seksueel geweld of bedreiging daarmee door iemand uit de huiselijke kring;

huishouden
de persoon of de personen met wie de cliënt een gezamenlijke huishouding voert dan wel in gezinsverband leeft of heeft geleefd;

juridisch Zwitsers zakmes
het toepassen van subsidiariteit, proportionaliteit en doelmatigheid:

  • subsidiariteit: wordt de minst ingrijpende actie ondernomen?
  • proportionaliteit: staat de actie in verhouding tot het doel?
  • doelmatigheid: is de gekozen actie de meest geschikte handelwijze?

kindermishandeling
elke vorm van een voor een minderjarige bedreigende of gewelddadige interactie van fysieke, psychische of seksuele aard, die de ouders of andere personen ten opzichte van wie de minderjarige in een relatie van afhankelijkheid of van onvrijheid staat, actief of passief opdringen, waardoor ernstige schade wordt berokkend, of dreigt te worden berokkend aan de minderjarige in de vorm van fysiek of psychisch letsel;

lid wijkondersteuningsteam
de beroepskracht die deel uit maakt van het wijkondersteuningsteam en vanuit dit team ondersteuning biedt aan cliënten, waaronder ook de coördinator;

minderjarige
persoon tot achttien jaar;

netwerkanalyse
instrument waarmee het netwerk van de cliënt in beeld wordt gebracht;

ondersteuning
iedere vorm van ondersteuning, hulp, zorg en dienstverlening door een of meer leden van het wijkondersteuningsteam geboden, daaronder ook begrepen het afhandelen van een ondersteuningsvraag en het motiveren van cliënten om de ondersteuning te aanvaarden die hij dringend behoeft;

persoonsgegeven
elk gegeven betreffende een geïdentificeerde of identificeerbare natuurlijk persoon;

sociaal netwerk
de personen met wie de cliënt zich verbonden voelt, daaronder ook verstaan de leden van het huishouden van de cliënt;

triage
het proces van verhelderen, routeren en escaleren van vragen en casussen;

Veilig thuis Rijnmond
uitvoeringsorgaan van het Advies- en Meldpunt Huiselijk geweld en Kindermishandeling;

verantwoordelijke
verantwoordelijke in de zin van de Wet bescherming persoonsgegevens, zijnde het college;

verwerking van persoonsgegevens
elke handeling, of elk geheel van handelingen met betrekking tot persoonsgegevens, waaronder in ieder geval het verzamelen, vastleggen, ordenen, bewaren, bijwerken, wijzigen, opvragen, raadplegen, gebruiken, verstrekken door middel van doorzending, verspreiding of enige andere vorm van terbeschikkingstelling, samenbrengen, met elkaar in verband brengen, alsmede het afschermen, uitwissen of vernietigen van gegevens;

verwijzer
de beroepskracht die geen lid is van het wijkondersteuningsteam en die op basis van zijn contacten met zijn cliënt meent dat deze is aangewezen op ondersteuning van het wijkondersteuningsteam en die hem daarom bij het wijkondersteuningsteam aanmeldt. Onder verwijzer wordt in deze regeling mede verstaan, de persoon uit het sociaal netwerk of omgeving van de cliënt die meent dat de cliënt aangewezen is op ondersteuning van het wijkondersteuningsteam;

Wbp
Wet bescherming persoonsgegevens;

wettelijk vertegenwoordiger
de ouder van de minderjarige die het gezag over hem uitoefent, of indien er geen ouder is die het gezag uitoefent, de voogd van de minderjarige die het gezag over hem uitoefent;

wijkondersteuningsteam
het team van beroepskrachten van de convenantpartners dat aan cliënten in de wijk ondersteuning biedt;

zelfredzaamheid-matrix
instrument waarmee de mate van zelfredzaamheid van de cliënt wordt beoordeeld.

Artikel 2 Doel van de gegevensverwerking

Doel van de verwerking van persoonsgegevens op basis van deze regeling is het bieden van laagdrempelige en integrale ondersteuning aan inwoners van Schiedam, waarbij wordt aangesloten bij de ondersteuningsvragen die zij hebben en de eigen kracht waarover zijzelf en hun sociale netwerk beschikken.

Artikel 3 Toepassingsgebied

1. Deze regeling is van toepassing op de verwerking van persoonsgegevens in verband met het bieden van ondersteuning aan cliënten.

2. Deze regeling betreft iedere vorm van verwerking van de in lid 1 genoemde persoonsgegevens, ongeacht of deze gegevens mondeling, op papier, via email of anderszins digitaal of door middel van foto, video of audio worden verwerkt.

Artikel 4 Verantwoordelijkheden van het college

1. Het college is verantwoordelijk voor de naleving van deze regeling en voor alle wettelijke verplichtingen met betrekking tot de bescherming van de persoonlijke levenssfeer van de cliënt.

2. Het college treft voorzieningen ter bevordering van de juistheid en de volledigheid van de opgenomen persoonsgegevens.

3. Het college ziet er op toe dat ten aanzien van de beveiliging van de cliëntgegevens afdoende maatregelen worden genomen.

4. Het college ziet er tevens op toe dat uitsluitend de voor het doel, zoals omschreven in artikel 2, noodzakelijke persoonsgegevens worden verwerkt en dat zij niet langer worden bewaard of anderszins verwerkt dan voor dit doel noodzakelijk is.

Artikel 5 Verantwoordelijkheid van de leden van de wijkondersteuningsteams

Ongeacht de verantwoordelijkheden van het college voor een zorgvuldige verwerking van persoonsgegevens zoals beschreven in artikel 4, draagt ook ieder die op grond van deze regeling bevoegd is om persoonsgegevens te verwerken er zorg voor dat:

  • de persoonsgegevens die hij op basis van deze regeling verwerkt juist, volledig en ter zake dienend zijn en dat deze gegevens rechtmatig zijn verkregen;
  • afdoende maatregelen worden genomen ter beveiliging van de persoonsgegevens die hij op basis van deze regeling verwerkt;
  • hij de bepalingen van deze regeling naleeft, evenals de instructies die gegeven worden in verband met de beveiliging van de persoonsgegevens die op basis van deze regeling worden verwerkt.

Artikel 6 Triage

1. Het wijkondersteuningsteam bepaalt aan de hand van het ernsttaxatiemodel, de zelfredzaamheidsmatrix, netwerkanalyse en eventuele andere (triage) instrumenten de mate van integraliteit van de ondersteuningsvraag en de gewenste aanpak.

2. De triage maakt onderdeel uit van het werk- en ondersteuningsproces van het wijkondersteuningsteam.

3. De afwegingen (triage) bepalen welke gegevens voor welk doel worden vastgelegd in het bestand van de cliënt, zodat die transparant, expliciet en verifieerbaar is.

Artikel 7 Informeren van de cliënt

1. Het wijkondersteuningsteam draagt er zorg voor dat de cliënt - aan wie het team ondersteuning biedt - zo spoedig mogelijk wordt geïnformeerd over de verwerking van zijn persoonsgegevens. Het wijkondersteuningsteam beschrijft welke gegevens worden vastgelegd, met welk doel dit gebeurt, welke rechten de cliënt kan uitoefenen ten aanzien van de verwerking van zijn gegevens en tot wie hij zich voor de uitoefening van deze rechten kan wenden. Ook beschrijft het wijkondersteuningsteam de samenstelling en de werkwijze van het team en legt het de cliënt uit dat de overige leden van het wijkondersteuningsteam, voor zover dit noodzakelijk is voor de ondersteuning, in een teamoverleg of anderszins, kennis kunnen nemen van zijn gegevens.

2. Indien de cliënt is aangemeld door een verwijzer wordt de cliënt eveneens geïnformeerd over de identiteit van de verwijzer en over de gegevens die de verwijzer over de cliënt aan het wijkondersteuningsteams heeft verstrekt,

3. De cliënt heeft het recht om bezwaar te maken tegen de verwerking van zijn gegevens. Indien en voor zover de cliënt van dit recht gebruik maakt, worden diens bezwaren gewogen. Indien het wijkondersteuningsteam het noodzakelijk acht, worden de bezwaren terzijde geschoven, maar niet dan nadat dit voornemen is getoetst aan de hand van ‘juridisch ‘Zwitsers zakmes’. De af- en overwegingen worden in het bestand vastgelegd.

4. Het recht op informatie kan (tijdelijk) worden beperkt voor zover dit noodzakelijk is in het belang van de bescherming van de betrokkene of van de rechten en vrijheden van anderen. Het besluit om het recht op informatie te beperken, dient te steunen op een gerechtvaardigd doel en in overeenstemming te zijn met het ‘juridisch Zwitsers zakmes’.

Artikel 8 Verwerking van persoonsgegevens indien de cliënt wordt aangemeld door een verwijzer

1. Aanmelding van een cliënt bij het wijkondersteuningsteam door een verwijzer is uitsluitend mogelijk indien de verwijzer deze aanmelding met de cliënt vooraf heeft besproken en daarvoor zijn toestemming heeft gekregen.

2. Een aanmelding door een verwijzer zonder medeweten van de cliënt wordt door het wijkondersteuningsteam uitsluitend aangenomen indien de verwijzer concrete aanwijzingen heeft die er op wijzen dat het bespreken van de aanmelding met de cliënt een bedreiging voor de veiligheid van de cliënt, van zijn gezinsleden van hem zelf of die van anderen vormt, of kan vormen.

Artikel 9 De persoonsgegevens van de cliënt die bekend zijn bij de convenantpartners

1. Indien de cliënt zichzelf aanmeldt bij het wijkondersteuningsteam omdat hij ondersteuning wenst, inventariseert het wijkondersteuningsteam in het kader van het verkennen van de ondersteuningsvraag, samen met de cliënt, of de cliënt momenteel of in het recente verleden ondersteuning, zorg of een andere vorm van dienstverlening, of hulp heeft (gehad). Indien deze hulp wordt of werd geboden door een van de convenantpartners, kan het lid van het wijkondersteuningsteam dat toegang heeft tot de persoonsgegevens van de cliënt die door deze organisatie zijn vastgelegd, deze gegevens inzien voor zover noodzakelijk voor de ondersteuning die het wijkondersteuningsteam zal gaan bieden. Dit lid van het wijkondersteuningsteam bespreekt met de cliënt de gegevens waarvan hij op deze wijze kennis neemt.

2. Indien de cliënt door een verwijzer wordt aangemeld bij het wijkondersteuningsteam, zoekt het wijkondersteuningsteam eerst contact met de cliënt voordat gegevens zoals bedoeld in lid 1 door een lid van het wijkondersteuningsteam worden ingezien. Het inzien van deze gegevens vóór het contact met de cliënt is uitsluitend mogelijk als dit naar het oordeel van het wijkondersteuningsteam noodzakelijk is, bijvoorbeeld in verband met concrete aanwijzingen van bedreigingen van de veiligheid van de cliënt, zijn gezinsleden, de leden van het wijkondersteuningsteam, de verwijzer, of die van anderen.

Artikel 10 Vastleggen, bewaren en vernietigen van persoonsgegevens van de cliënt

1. Het wijkondersteuningsteam legt in het digitale bestand de persoonsgegevens van de cliënt vast die noodzakelijk zijn voor zorgvuldige ondersteuning aan de cliënt. Daaronder worden in ieder geval verstaan:

  • de NAW – gegevens van de cliënt;
  • voor zover relevant voor de ondersteuningsvraag: de samenstelling van het huishouden c.q. gezin van de cliënt en zo nodig de NAW – gegevens van een of meer gezinsleden;
  • voor zover relevant voor de ondersteuningsvraag: de NAW - gegevens van de leden van het sociaal netwerk van de cliënt;
  • de naam en functie van een eventuele verwijzer, de aanleiding voor de verwijzing en de contacten die de verwijzer met de cliënt over deze aanmelding heeft gehad;
  • de doelen die de cliënt met de hulp wil bereiken, het plan van aanpak, de namen en contactgegevens van de beroepskrachten en van anderen die rechtstreeks betrokken zijn bij de uitvoering van dit plan;
  • gegevens over de uitvoering, de wijziging of aanvulling en de mogelijke stagnaties in de uitvoering van het plan van aanpak;
  • de afsluiting van de hulp, het oordeel van de cliënt hierover en de resultaten die daarmee zijn behaald.

2. De persoonsgegevens in het bestand worden maximaal vijftien jaar bewaard, te rekenen vanaf het jaar waarin de ondersteuning is afgesloten, tenzij een langere bewaartermijn noodzakelijk is uit een oogpunt van goede jeugdhulp.

3. De beheerder draagt er zorg voor dat de gegevens zoals bedoeld in lid 1 na de bewaartermijn zoals genoemd in lid 2 zo spoedig mogelijk worden vernietigd, of zodanig van identificerende kenmerken worden ontdaan dat zij redelijkerwijs niet langer zijn te herleiden tot een individuele persoon.

4. Voordat vernietiging zoals bedoeld in lid 3 plaats vindt, informeert de beheerder de betrokkene, voor zover hij over de contactgegevens van de betrokkene beschikt, dat zijn gegevens zullen worden vernietigd zodat de betrokkene in de gelegenheid is te verzoeken om verlenging van de bewaartermijn en/of om een afschrift van de gegevens.

Artikel 11 Toegang tot de persoonsgegevens in het bestand

1. De leden van het wijkondersteuningsteam die direct betrokken zijn bij de ondersteuning aan de cliënt hebben toegang tot de persoonsgegevens van de cliënt die in het bestand zijn opgenomen.

2. Voor zover noodzakelijk voor de taakuitoefening hebben daarnaast toegang tot de persoonsgegevens in het bestand:

  • de overige leden van het wijkondersteuningsteam;
  • degene die belast is met de afhandeling van klachten over de geboden ondersteuning van het wijkondersteuningsteam;
  • de verantwoordelijke.

3. Aan anderen dan de in lid 1 en 2 genoemde personen wordt geen toegang gegeven tot de persoonsgegevens in het bestand, tenzij een wettelijke plicht daartoe noodzaakt.

Artikel 12 Voeren van overleg binnen het wijkondersteuningsteam over de ondersteuning aan een cliënt

Voor zover noodzakelijk voor de ondersteuning kunnen de leden van het wijkondersteuningsteam de voor deze ondersteuning noodzakelijke persoonsgegevens van de cliënt aan elkaar verstrekken.

Artikel 13 Verstrekken van persoonsgegevens van de cliënt aan anderen die niet tot het wijkondersteuningsteam behoren

1. Het wijkondersteuningsteam informeert de cliënt over het voornemen om persoonsgegevens te verstrekken aan ieder ander die geen deel uitmaakt van het wijkondersteuningsteam, daaronder ook verstaan het verstrekken van persoonsgegevens door een lid van het wijkondersteuningsteam in een extern overleg.

2. Het wijkondersteuningsteam informeert de cliënt daarbij in ieder geval over:

  • het doel van de verstrekking,
  • de persoon of instelling aan wie de gegevens worden verstrekt, en
  • de aard en de inhoud van de gegevens die zullen worden verstrekt.

3. De cliënt heeft het recht om bezwaar te maken tegen de verwerking van zijn gegevens. Indien en voor zover de cliënt van dit recht gebruik maakt, worden diens bezwaren gewogen. Indien het wijkondersteuningsteam het noodzakelijk acht, worden de bezwaren terzijde geschoven, maar niet dan nadat dit voornemen is getoetst aan de hand van ‘juridisch ‘Zwitsers zakmes’. De af- en overwegingen worden in het bestand vastgelegd.

4. Het recht op informatie kan (tijdelijk) worden beperkt voor zover dit noodzakelijk is in het belang van de bescherming van de betrokkene of van de rechten en vrijheden van anderen.

Het besluit om het recht op informatie te beperken dient te steunen op een gerechtvaardigd doel in overeenstemming te zijn met het ‘juridisch Zwitsers zakmes’.

Artikel 14 Verstrekken van persoonsgegevens van de cliënt aan anderen zonder de cliënt hierover van te voren te informeren

1. Stelt een lid van het wijkondersteuningsteam vast dat:

  • een cliënt mogelijkerwijs in een ernstige situatie verkeert;
  • in verband met de ernst van de situatie en de vitale belangen van de cliënt die aan de orde zijn, de cliënt dringend is aangewezen op behandeling, zorg, onderzoek of een andere interventie die het wijkondersteuningsteam zelf niet kan bieden;
  • en het wijkondersteuningsteam van mening is dat er goede gronden zijn om de cliënt vooraf niet te informeren over het uitwisselen van diens gegevens – dan doet het wijkondersteuningsteam hetgeen noodzakelijk is in die situatie.

2. Over een verstrekking van gegevens aan anderen die geen deel uit maken van het wijkondersteuningsteam, zoals bedoeld in lid 1, voert een lid van het wijkondersteuningsteam vooraf overleg met minimaal één ander lid van het wijkondersteuningsteam en met de coördinator.

3. Het besluit zoals bedoeld in lid 1 en 2 wordt vastgelegd in het bestand met daarbij de redenen die tot het besluit hebben geleid.

4. De cliënt wordt in een later stadium als het ook maar even mogelijk is, alsnog geïnformeerd over het verwerken van zijn gegevens.

Artikel 15 Verstrekken van gegevens van een cliënt in verband met signalen van huiselijk geweld en kindermishandeling

1. In geval van signalen van huiselijk geweld of kindermishandeling volgt het wijkondersteuningsteam de stappen van de Meldcode Kindermishandeling en Huiselijk geweld. Het wijkondersteuningsteam draagt er zorg voor dat de stappen die het zet zorgvuldig worden vastgelegd in het bestand.

2. Indien Veilig Thuis Rijnmond het wijkondersteuningsteam benadert in verband met een melding van signalen van kindermishandeling of huiselijk geweld, kan de beroepskracht de voor de taakuitoefening van Veilig Thuis Rijnmond noodzakelijke persoonsgegevens van de cliënt verstrekken.

3. Van de verstrekking zoals bedoeld in lid 2 maakt het wijkondersteuningsteam een aantekening in het bestand.

4. Over de verstrekking zoals bedoeld in lid 2 wordt de cliënt, voor zover mogelijk in verband met de veiligheid van de cliënt, van zijn gezinsleden, van het wijkondersteuningsteam, of die van anderen, geïnformeerd. Over het verstrekken van informatie aan Veilig Thuis Rijnmond door het wijkondersteuningsteam vindt vooraf overleg plaats met de coördinator.

Artikel 16 Recht op informatie, inzage en afschrift

1. Iedere betrokkene heeft het recht zich schriftelijk tot de verantwoordelijke te wenden met het verzoek hem mede te delen of persoonsgegevens worden verwerkt die op hem betrekking hebben.

2. De verantwoordelijke deelt de betrokkene binnen vier weken mee of persoonsgegevens die op hem betrekking hebben, worden verwerkt.

3. Indien dit het geval is biedt de verantwoordelijke de betrokkene een volledig overzicht van de persoonsgegevens die zijn opgenomen in het bestand en die op hem betrekking hebben, het doel daarvan, alsmede een overzicht van de personen en instellingen aan wie de verantwoordelijke persoonsgegevens van de betrokkene heeft verstrekt en het doel van deze verstrekking(en).

4. Het informatierecht zoals in dit artikel omschreven kan worden geweigerd in het belang van:

a. de veiligheid van de Staat;

b. het voorkomen, opsporen en vervolgen van strafbare feiten;

c. gewichtige economische en financiële belangen van de Staat en van andere openbare lichamen;

d. het toezicht op de naleving van wettelijke voorschriften die zijn gesteld ten behoeve van de hier boven bedoelde belangen;

e. de bescherming van de betrokkene, of van de rechten en vrijheden van anderen.

5. De verantwoordelijke deelt de betrokkene zijn afwijzing op het verzoek binnen vier weken schriftelijk en met vermelding van de motieven voor de afwijzing mede.

Artikel 17 Correctierecht

1. Nadat de betrokkene op grond van artikel 16 kennis heeft genomen van de verwerking van zijn persoonsgegevens, kan hij de verantwoordelijke verzoeken de gegevens te verbeteren, aan te vullen, te verwijderen of af te schermen voor zover deze gegevens onjuist, onvolledig of niet ter zake dienend zijn voor het doel van de verwerking.

2. Is de betrokkene het niet eens met een oordeel dat over hem in het bestand is opgenomen, dan kan hij de verantwoordelijke verzoeken zijn eigen verklaring omtrent dit oordeel aan het bestand toe te voegen.

3. De verantwoordelijke reageert binnen vier weken na ontvangst van het verzoek schriftelijk en gemotiveerd op verzoeken zoals bedoeld in lid 1 en 2.

4. Mocht het verzoek om correctie leiden tot aanpassing of verwijdering van gegevens, dan dragen de verantwoordelijken er zorg voor dat deze aanpassing ook bekend wordt gemaakt aan derden die op grond van deze regeling kennis hebben genomen van deze persoonsgegevens.

Artikel 18 Vernietigingsrecht

1. De betrokkene heeft het recht zich schriftelijk tot de verantwoordelijke te wenden met het verzoek gegevens uit het bestand die op hem betrekking hebben te vernietigen.

2. In reactie op het verzoek van de betrokkene vernietigt de verantwoordelijke uiterlijk binnen drie maanden de gegevens die in het bestand zijn opgenomen en op de betrokkene betrekking hebben, tenzij er gegronde redenen aanwezig zijn om niet op het vernietigingsverzoek in te gaan.

Artikel 19 Klachten

Indien de betrokkene van mening is dat de bepalingen van deze regeling niet worden nageleefd of andere met deze regeling verband houdende reden tot klagen heeft, kan hij zich achtereenvolgens wenden tot:

  • de verantwoordelijke, door middel van de klachtenregeling van de gemeente Schiedam;
  • het College Bescherming Persoonsgegevens en conform de Wbp verzoeken een onderzoek in te stellen of de wijze van gegevensverwerking door de verantwoordelijke in overeenstemming is met de Wbp;
  • dan wel gebruikmaken van de in hoofdstuk 8 van de Wbp neergelegde beroepsmogelijkheden.

Artikel 20 Uitoefenen van de taken van de verantwoordelijke door de coördinator van het wijkondersteuningsteam

Op basis van een schriftelijke machtiging kan de verantwoordelijke zijn taken zoals omschreven in artikel 16, 17 en 18 overdragen aan de coördinator van het wijkondersteuningsteam.

Artikel 21 Uitoefenen van rechten door de (wettelijk) vertegenwoordiger(s)

1. De rechten die een cliënt of een betrokkene op basis van deze regeling heeft, worden uitgeoefend door de wettelijk vertegenwoordiger(s) indien de cliënt nog geen twaalf jaar oud is.

2. De rechten zoals bedoeld in lid 1 worden uitgeoefend door de wettelijk vertegenwoordiger(s) en de cliënt of de betrokkene, indien de cliënt of de betrokkene al wel twaalf maar nog geen zestien jaar oud is.

3. Vanaf zestien jaar oefent een cliënt of een betrokkene zijn rechten zelfstandig uit.

4. In geval van wilsonbekwaamheid van een cliënt of een betrokkene van 16 jaar of ouder, worden zijn rechten uitgeoefend door zijn wettelijk vertegenwoordiger(s). Heeft een meerderjarige wilsonbekwame cliënt of betrokkene geen wettelijk vertegenwoordiger, dan oefent de echtgenoot of de levensgezel deze rechten uit. Heeft de cliënt of betrokkene geen echtgenoot of levensgezel, of wenst deze de rechten van de cliënt of de betrokkene niet uit te oefenen, dan kan een ouder, een meerderjarige broer of een zus, of een meerderjarig kind van de cliënt of de betrokkene zijn rechten uitoefenen.

5. De rechten die een (wettelijk) vertegenwoordiger uitoefent op basis van dit artikel, kunnen door de coördinator worden beperkt of geweigerd indien zwaarwegende belangen van de cliënt of de betrokkene zich tegen deze uitoefening verzetten.

6. De bepalingen van dit artikel zijn ook van toepassing indien de cliënt of de betrokkene op grond van deze regeling dient te worden geïnformeerd.

Artikel 22 Geheimhouding

Een ieder die op grond van deze regeling kennis neemt van persoonsgegevens van een cliënt of een betrokkene, is verplicht tot geheimhouding daarvan, tenzij de wet of deze regeling anders bepaalt.

Artikel 23 Slotbepalingen

1. Deze privacyregeling treedt in werking op 1 januari 2015.

2. Organisaties die deel gaan nemen aan de wijkondersteuningsteams binden zich aan deze privacyregeling door het ondertekenen van het convenant ‘samenwerken in de wijkondersteuningsteams in Schiedam’.

3. Deze regeling kan worden aangehaald als Privacyregeling wijkondersteuningsteams Schiedam.